Op de site mijnemailinstellen.nl word stap voor stap, voor ieder apparaat of programma, uitgelegd hoe je jouw account koppelt.

Hierbij heb je nodig:

  • E-mail adres
  • Gebruikersnaam (dit is niet altijd je mail adres)
  • Wachtwoord
  • Inkomend/ Uitgaand/ POP/ IMAP server

(Heb je deze gegevens nog niet van ons ontvangen, neem dan contact op!)

Let bij het koppelen wel op het volgende:

  • Let bij het kopiëren + plakken op dat je geen spaties mee kopieert.
  • Lees desondanks dat alle stappen worden uitgelegd wel alle overige opties. Optionele onderdelen kunnen namelijk voor jou alsnog van belang zijn. (denk bijvoorbeeld bij een pop verbinding dat deze mail in het algemeen na 4 weken automatisch verwijderd. Zet dit uit als je dat niet wil)

POP
POP (Post Office Protocol) is het meest vanzelfsprekende e-mailprotocol. Bij dit protocol worden e-mailberichten van de server opgehaald en (afhankelijk van instellingen binnen het e-mailprogramma) verwijderd. De e-mailberichten staan vervolgens alleen op jouw computer en zijn niet meer online te bekijken. Dit protocol is het meest geschikt als je gebruikmaakt van een enkele e-mailclient, bijvoorbeeld je thuis-pc. Er zitten twee voordelen aan het gebruik van POP. Ten eerste wordt de e-mail snel opgehaald. Daarnaast raakt je mailbox niet vol.

IMAP
IMAP (Internet Message Access Protocol) is een uitgebreid protocol voor het lezen, opslaan en beheren van je e-mail, waarbij je online kunt werken. Dit betekent dat de acties die jij in het e-mailprogramma op je computer uitvoert, worden gereflecteerd in je mailbox op de server. Dit geeft je meer flexibiliteit en maakt het mogelijk dat je thuis, onderweg en op kantoor je e-mail bij de hand hebt. Een nadeel is dat de e-mail wordt opgeslagen in zowel je e-mailprogramma als je Hostnet-dienst, waardoor je mailbox sneller vol raakt.

In het algemeen is dit mail.jouwdomeinnaam.nl

Let hierbij op dat je ‘jouwdomeinnaam.nl’ wel vervangt door je werkelijke domeinnaam. Deze is in je email adres te vinden achter het ‘@‘ teken.

Ja, natuurlijk! Dit kan via: webmail.eatserver.nl

Hier kan je met behulp van je mail adres + wachtwoord inloggen.

De afkorting CTA staat voor Call to action. Dit kan zijn: neem contact op met of bel nu. Op iedere pagina zou een bezoeker een call to action moeten zien op een voorspelbare plek. Op die manier maak je een website gebruiksvriendelijk en commercieel.

Een Facebookfeed is een automatische koppeling tussen een website en een Facebook bedrijfspagina. (Dus geen persoonlijk profiel, dit kan niet vanwege persoonlijke privacy). Het is een automatische feed, die de berichten rechtstreeks van Facebook haalt. Die lay out van de berichten is te bewerken, maar de inhoud niet.
Het grote voordeel is dat berichten automatisch verschijnen op de website. Wanneer je veel gebruik maakt van Facebook, hoef je geen extra handelingen te doen om je website up to date te houden.
Eén van de nadelen is dat het niet in chronologische volgorde kan worden getoond met andere nieuwsberichten. Daarnaast wordt de inhoud van de berichten niet geïndexeerd door Google.

Het footer gedeelte op een website is de ruimte onderin. Vaak worden hier in twee of drie kolommen de contactgegevens getoond, de social media buttons, een Google maps kaartje en/of (bedrijfs)logo’s. De inhoud van de footer is op iedere pagina hetzelfde.

Een meescrollend menu is een balk, vaak bovenin de website, die altijd in beeld blijft. Wanneer je naar beneden scrolt, blijft de balk dus in beeld. Op die manier kun je altijd navigeren. Het draagt dus erg bij aan de gebruiksvriendelijkheid van de website.

De header is het gedeelte van de website aan de bovenkant. Dit wordt vaak gebruikt om een afbeelding te vertonen.

Een slider is een functionaliteit in een website waar wisselend beelden of teksten worden getoond. Het wordt vooral ingezet op de homepagina, zodat je in enkele seconden meerdere dingen kunt laten zien. Bijvoorbeeld een aantal grote sfeerfoto’s als binnenkomer. Maar let wel, sommige bezoekers kunnen het kan ook als reclame opvatten. (Denk aan dynamische banners). Uit onderzoek blijkt dat de eerste slide het best gelezen wordt. Op de erna volgende slides wordt nauwelijks geklikt.

Een MX-record is een gegevenstype in het Domain Name System (DNS). Het bevat de naam van de computer die e-mailverkeer voor het betreffende domein afhandelt. Een domein kan meerdere MX-records hebben met een verschillende prioriteit waardoor het mogelijk is om bijvoorbeeld een back-up mailserver aan te geven als de computer met de hogere prioriteit niet bereikbaar blijkt. De naam die in het MX-record wordt gevonden kan via DNS op zijn beurt in een ip-adres worden vertaald.

Telkens wanneer u op het web aan het surfen bent, een e-mail bericht naar iemand stuurt, maakt u gebruik van het DNS systeem. DNS staat voor Domain Name System. Alle op het internet aangesloten computers hebben een eigen identiteit, een IP nummer. Dat ziet er als volgt uit: 217.170.1.195. Kort gezegd vertaalt het DNS domeinnamen naar IP nummers.

Een IP-adres, waarin IP staat voor Internet Protocol, is een adres waarmee een netwerkkaart van een host in een netwerk eenduidig geadresseerd kan worden binnen het TCP/IP-model, de standaard van het internet. Elke computer die is aangesloten op het internet of netwerk heeft een nummer waarmee deze zichtbaar is voor alle andere computers op het internet. Je kan dit vergelijken met telefoonnummers.

Wanneer we een domein verhuizen en de email verloopt via dit domein, moet ook de email verhuisd worden. Van de email tot aan nu maak je het beste een backup. Daarna veranderen wij de route naar de email en begin je weer in een lege, nieuwe mailbox. De emails uit de backup voeg je daar weer in toe.

Als je je domeinnaam wilt verhuizen, heb je daarvoor bij de meeste extensies (.com, .net, .nl etc.) een verhuiscode (token) nodig van je huidige provider. Aangezien je met deze code een domein kunt overschrijven, vertrekken de providers deze meestal alleen aan de eigenaar zelf. Deze code kun je het beste naar ons doormailen.

In de online marketing betekent conversie het behalen van een van te voren bepaald doel. Het doel van je website kan zijn dat je veel bezoekers wilt ontvangen. Maar het kan ook zijn: Inschrijven op een nieuwsbrief; een bepaalde tijd op de website blijven; een bepaald aantal pagina’s op de website bekijken; een product of dienst kopen; contact opnemen.

Een WordPress Widget is een klein gedeelte met een specifieke functie. Widgets kunnen worden toegevoegd aan de zijbalk, ook wel bekend als een widget ready gedeelte op je WordPress website. Widgets kunnen eenvoudig worden versleept naar het gewenste gedeelte op de website. De beschikbare lijst met widgets kun je vinden door naar Weergave > Widgets te gaan in het WordPress menu (linkerkant van het scherm als je ingelogd bent).

Een plugin is een stukje software met een groep aan functionaliteiten die kunnen worden toegevoegd aan een WordPres website. Een plugin kan bestaande functionaliteiten uitbreiden of verbeteren en nieuwe functionaliteiten toevoegen.

Een template is een sjabloon voor een website. Het ontwerp is aan te passen: kleuren, lettertypes en bepaalde instellingen. De inhoud; afbeeldingen en teksten kun je naar eigen wens invullen. Alleen de wijzigingen in structuur en indeling zijn beperkt aan te passen.

WordPress is een CMS waarmee je heel gemakkelijk een website kunt maken én onderhouden. WordPress begon ooit als simpel CMS om een weblog mee te maken. Inmiddels wordt WordPress door steeds meer grote merken en bedrijven gebruikt om een website te bouwen. WordPress is open-source en wordt dagelijks door-ontwikkeld door mensen over de hele wereld.

Iedere website is opgebouwd uit code. Een Content Management Systeem (CMS) biedt gebruikers de mogelijkheid om een website te onderhouden en aan te passen zonder kennis van deze code nodig te hebben. Het systeem schrijft dus de code voor je en jij kunt je richten op content. Dit scheelt jou veel tijd en moeite. Je kunt wijzigingen direct live bekijken.

Responsive webdesign is webdesign waarbij je streeft naar een optimale webervaring voor vele verschillende apparaten (van desktop computerschermen tot smartphones). Het ontwerp van een responsive website schaalt mee met de afmetingen van een scherm. Op die manier blijft de leesbaarheid van tekst altijd goed.

Dat kan verschillende oorzaken hebben. Controleer eerst of het mailbericht daadwerkelijk is verstuurd. Wanneer je een bijlage probeert mee te sturen, zorg dan dat deze niet groter is dan 10 MB. Je kunt grotere bestanden wel versturen via Wetransfer.com. Bij de ontvangende partij: controleer of de mail niet in de spam folder beland is. Wanneer je een foutmelding ontvangt, kijk dan welke foutmelding code het is. Mocht het probleem zich nog steeds voordoen, neem dan contact op met ZeeDesign.

Doorgaans werkt de volgende toetsencombinatie om het cachegeheugen te verversen in diverse browsers:

  • Windows: Ctrl + F5 (Ctrl indrukken en tegelijkertijd de F5 indrukken)
  • Mac: Command + Shift + R

ZeeDesign zegt dat er iets aan mijn website is gewijzigd, maar als ik het bekijk op mijn computer zie ik het niet. Waarschijnlijk is de oplossing: uw cache verversen.

Browser cache is geheugen om tijdelijke bestanden zoals afbeeldingen, stylesheets, javascript en dergelijke van een website op te slaan. Dit zorgt ervoor dat wanneer dezelfde website voor een tweede maal wordt bekeken, de website een stuk sneller laadt. Dit komt omdat de browser de bestanden die hij eerder heeft ingeladen niet voor een tweede maal hoeft in te laden. Een mooi stukje techniek voor een snelle online ervaring. Een iets minder handige techniek wanneer je wijzigingen in een website wilt bekijken.

Een webbrowser of (internet)browser is een computerprogramma om webpagina’s te bekijken. Populaire browsers zijn Internet Explorer, Mozilla Firefox, Google Chrome, Safari en Opera.